Sterkte 
Wanneer kan ijs mij houden? Het is niet altijd zo dat ijs een vaste minimale dikte moet hebben. Ook de kwaliteit bepaalt de sterkte en draagkracht van het ijs. Meer ingesloten lucht veroorzaakt een grotere broosheid en dus minder sterk ijs. Hoe helderder het ijs van kleur is, hoe steviger het is en hoe meer draagkracht het heeft. Gemiddeld mag je uitgaan van een minimale dikte van 6 cm helder ijs. Bij 7 cm gaan de natuurijsbanen open. Voor grotere toertochten is 10 cm een must. Voor Elfstedentochten wordt een dikte van minimaal 16 cm aangehouden, behoudens korte zwakkere plekken waar gekluund kan worden. 14 cm ijs kan een kleine auto houden, een vrachtwagen of een grote mensenmenigte pas bij 30 cm en een treinstel blijft staan op een ijsvloer van ongeveer 45 cm.


Kleur 
IJs is helderder en bevat minder luchtbelletjes wanneer het langzamer (bij minder lage temperaturen onder nul) bevriest. Ook de hoeveelheid opgeloste stoffen bepaalt de kleur, het ijs is veel witter wanneer er veel stoffen in voorkomen.

 

Wakken
Maar dan heb je een leuke laag ijs, zitten er wakken in! En die verdwijnen meestal maar langzaam. Wakken ontstaan aan de lijzijde van een oeverwal waar de wind op iets grotere afstand van de kant het water weer kan bereiken en daar het diepere, warmere water aanzuigt en concentrisch door het wak laat stromen. Daar duurt het dus langer voordat ijsvorming optreedt. Windstil weer met minstens matige vorst kan dan uitkomst bieden.

 

Voor zover gebleken of gemeten, is ons ijs in de meeste jaren maximaal 10 tot 15 cm dik. In sommige jaren met koude of zeer koude winters met langdurige vorstperioden (bijv. 1940, 1979, 1985, 1987) lukt het om een ijsvloer van soms tot 25 of 30 cm te realiseren. In de beruchte winter van 1963 zijn zelfs ijsdikten van ruim 40 cm gemeten. Met de Friese Elfstedentochten is de ijsvloer meestal een 15 tot 20 cm dik, in sommige jaren tussen de 20 en 25 cm.